Malou Keunen

De benadering van de wereld verloopt voor mij op verschillende manieren. Het uitgangspunt voor de constructie van mijn werken is niet altijd gelijk. Enerzijds ontstaan beelden door herinterpretatie van de buitenwereld waar de visueel herkenbare wereld drager wordt van beleving, vraagstelling en mogelijke inhoud, anderzijds is het een graven in het onderbewustzijn. Hier staat niet de buitenwereld met zijn verschijning voorop maar wordt er vertrokken van het eigen innerlijk en worden vandaar uit verbanden gelegd naar buiten. Dit proces ontstaat bijna altijd vanuit het tekenen.

Malou Keunen

De tekening verschilt voor mij fundamenteel in vorm met fotografie. Via het tekenen ontstaan beelden , het is dus geen bevroren toestand maar een proces. Er kan een vage notie zijn over wat je gaat tekenen maar de dingen verschijnen tijdens het proces en kunnen veranderen. Het is dus boren in het onderbewustzijn, het weten, het voelen. Tekenen als het testen van ideeën. Een slow motion versie van gedachten, de onzekere en zoekende manier van het construeren van een tekening is het model van hoe een mening te construeren. Wat eindigt in helderheid begint niet altijd zo. Er worden linken gelegd naar menselijke emoties, relaties, het publieke en ultieme private, het vergeten goed en de herinnering.

Het is zoals Cozen in ‘Drawing now’voorstelt dat vlek, teken , beeld en psyche op een bepaald moment samenvallen in het beeld. Het is een aftasten van de vraag of tekenen kan functioneren als een metafoor van hoe we denken. Het tekenen als een manier om te begrijpen wie we zijn en hoe we ons manifesteren in de wereld.
Ze vormen voor mij telkens het uitgangspunt voor het verdere verloop van mijn werken.

Het geheel van mijn werken balanceert tussen dit buiten en binnen.

Dit verloop kan zich ontwikkelen in de richting van een uitgewerkte tekening, schilderij, ruimtelijk werk, lichtobject, installatie waarbij taal een oriënterende, desoriënterende of vragende functie kan krijgen.

Het werk is opgezet als denktank en beeldlabo.

Malou Keunen
Malou Keunen
Malou Keunen
Malou Keunen
Malou Keunen
Malou Keunen
Malou Keunen
Malou Keunen
Malou Keunen
Malou Keunen
Malou Keunen
Malou Keunen
Malou Keunen
Malou Keunen
Malou Keunen
Malou Keunen
Malou Keunen
Malou Keunen
Begijnhof Hasselt 2000, Paul Ilegems:
‘Haar werk lijkt continu heen en weer te flitsen tussen twee polen : determinisme en onbepaaldheid, conformisme en fantasie, beslotenheid en vrijheid, discretie en openhartigheid; een soort dualistisch denken. Aan de ene kant zien we werken die bepaald een ernstige of zelfs sombere ondertoon hebben. Maar naast deze strenge, in zichzelf gekeerde werken is er in menig ander werk een grote luchtigheid en een onbezorgde, roekeloze humor, die deze ernst lijkt tegen te spreken of op zijn minst lijkt te relativeren. Wat zij in anderen waarneemt, wordt introspectief herkend en met ironie en dubbele bodems verwerkt tot een spel van contrasten tussen hardheid en broosheid, taaiheid en souplesse, contemplatieve rust en ongeduldig enthousiasme.’