Clynelish 1997

6 maart 2015
Clynelish 1997/2014 (53,3%, Liquid Art, 132btl.)

Clynelish 1997 Liquid Art

De oorspronkelijke distilleerderij van Clynelish werd in Brora gebouwd voor de nieuwe boerenbedrijven die ontstonden op het vruchtbare land in de kuststrook van Sutherland. Voor een bedrag van slechts 750 pond kon de toekomstige Graaf van Sutherland in 1819 zorgen voor een afzetmarkt voor het graan dat zijn pachtboeren verbouwden. Vanwege deze basis kunnen we tegenwoordig genieten van de zeer gewaardeerde Clynelish. Al vanaf het begin was de reputatie van Clynelish uitmuntend. Ze leverde alleen aan particuliere klanten; handelsorders waren uit den boze. Hij stond daardoor dan ook bekend als ‘altijd de duurste van alle Schotse whisky’s’. Nog geen vijftig jaar later, in 1931, werd de distilleerderij echter gedwongen te sluiten vanwege de economische crisis. De productie werd hervat in 1938 en werd alleen nog onderbroken van mei 1941 tot november 1945 vanwege beperkingen in de aanvoer van gerst tijdens de Tweede Wereldoorlog. In 1967-1968 werd Clynelish, geheel naar het originele ontwerp, vervangen door een nieuwe distilleerderij op een naastgelegen terrein.
Bron: Mitra

Selectie
Deze single cask Clynelish werd geselecteerd door Bert Dexters en Serge Reijnders en is gelimiteerd tot 132 flessen en verkrijgbaar voor 95€! Meer info via info@liquidart.be

Samenwerking met Jef Geys

Over Jef Geys – Kunst in het Vlaams parlement
bron: http://www.vlaamsparlement.be/vp/informatie/overhetvlaamsparlement/kunst/geys.html

Volgens de website van de Antwerpse Internationale Kunstcampus deSingel bestaat er weinig twijfel over wie de drie belangrijkste Belgische kunstenaars van de twintigste eeuw waren: Marcel Broodthaers, Panamarenko en … Jef Geys. Dit is een treffende illustratie van de positie die Jef Geys in de kunstwereld bekleedt. De toonaangevende kunstcritici dragen hem eensgezind op handen, maar voor een groot publiek, zelfs van museumbezoekers en kunstliefhebbers, is hij vrij onbekend.

Dit heeft veel te maken met het feit dat Jef Geys ervoor terugdeinst om op tv te verschijnen en amper interviews toestaat in de geschreven pers. Volgens Geys heeft het geen zin om in een tijdskader van enkele seconden of één enkel krantenkolommetje te komen uitleggen waar je al je hele leven mee bezig bent. Een kunstenaar moet zich volgens hem tot het publiek richten in een eigen, artistieke taal. In het geval van Geys gaat het hoofdzakelijk om beeldtaal, al maakt hij ook gebruik van het geschreven woord. Zo vormde hij het ter ziele gegane Kempens Informatieblad om tot een gratis krantje met toelichtingen bij zijn exposities. Ook schreef hij 157 Vrouwenvragen bijeen, netjes genummerd van 1 tot 157, om ze vervolgens in een galerij als kunstwerk te presenteren.

Als geen ander weet Jef Geys zeer verschillende registers te beheersen en te combineren, om als eindresultaat telkens opnieuw met volstrekt persoonlijk werk voor de dag te komen. Hij is tegelijk een volksmens pur sang en een fijnbesnaarde intellectueel.

Zijn werk gaat de confrontatie aan met prominente avant-gardekunstenaars op prestigieuze exposities in New York of Kassel, maar net zo goed exposeert hij een project samen met het handwerk van de Socialistische Vrouwenkring van Balen.

De creativiteit van Jef Geys kan zich in de meest uiteenlopende vormen manifesteren, van tekenwerk tot happenings, maar twee eigenschappen komen steeds terug: alle werken van Geys zijn tegelijk enigmatisch en ironisch.

Over Jef Geys – deSingel.be
bron: https://www.desingel.be/nl/personen/10846/Geys-Jef

Jef Geys (°1934, woont in Balen) behoort samen met Marcel Broodthaers en Panamarenko tot de belangrijkste Belgische kunstenaars. Zijn artistieke praktijk hangt onverbrekelijk samen met zijn levensloop. Reeds op dertienjarige leeftijd begon hij een werkregister aan te maken. Of zijn werk als kunst gedefinieerd wordt, is voor hem niet cruciaal. Hij werkt met uiteenlopende media zoals fotografie, beeldhouwkunst en installaties. Zijn werk is tegendraads, anti-elitair, contextueel avant la lettre en behandelt thema’s uit sociale, politieke en economische domeinen. In 1971 werd hij door het Museum voor Schone Kunsten in Antwerpen uitgenodigd om een tentoonstelling te realiseren. Hij analyseerde het museumgebouw, ontdekte de zwakke plekken erin en stelde vervolgens voor om het museum op te blazen. Jef Geys heeft meer tentoonstellingen van zijn werken geweigerd dan gerealiseerd. In 2000 kreeg hij de Vlaamse Cultuurprijs voor Beeldende Kunst. Zijn werk werd onder andere getoond op ‘Chambres d’Amis’ in Gent (1986), tijdens de biënnale van São Paulo (1991), op ‘Skulptur Projekte’ in Münster (1997) en tijdens documenta 11 in Kassel (2002). Het Van Abbemuseum in Eindhoven wijdde in 2004 een eerste grote retrospectieve tentoonstelling aan zijn werk.

Cheers.